Hoor wie klopt daar kind'ren

De Sint heeft het niet gemakkelijk tegenwoordig. Terwijl hij druk in de weer is met sollicitatiegesprekken voor een nieuwe Piet-equipe bakt hij suikervrije nicknackjes en controleert hij of het speelgoed niet werd aangekocht via een louche Chinese website. Tussendoor werkt hij aan een nieuwe pakjesstrategie, al dat straffen en belonen is namelijk niet meer van deze tijd, zo werd hem verteld.

Nee, een beetje huppelen over daken, dat zit er niet meer in voor de moderne Sint. Gelukkig heeft de goedheilige man tonnen ervaring en is hij een krak in time-management. Zodoende had hij toch nog wat tijd over om dit jaar ook in Lucie's schoentje een en ander te komen droppen. Fiew zeg.


Hij bracht een wasmachine en een strijkplank, zo modern is hij blijkbaar dus ook weer niet. Gelukkig heeft hij goede smaak en bracht hij een schoon exemplaar. Voor hetzelfde geld was hij fan van fushia en limoengroen en had hij het wasmachientje niet eens meer laten oververven nadat hij het op de rommelmarkt scoorde. Maar nee hoor, een schoon oudroze kleurtje koos hij, met gouden accenten erbij. En in een bijpassend stofje liet hij een strijkplankhoesje en een wasmand maken.




Hij bracht ook een popje en bijhorende poppenkleertjes, er moest tenslotte iets zijn om in de wasmachine te steken. Drie zomerjurkjes, het valt er aan te zien dat hij uit Spanje komt.



Het eerst jurkje is een omkeerbaar vossenkleedje. Dat was nogal prutswerk, zo vertelde de piet van dienst mij (ik had hem bijna de naaipiet genoemd, maar laat ons bij nader inzien toch maar gewoon piet zeggen). De andere twee jurkjes zijn zodoende niet omkeerbaar, maar ach, omkeerbaar is zo overroepen. Piet gebruikte geen patroontjes, de kleertjes zijn puur maatwerk.


De tweede piet van dienst (de doehetzelfpiet – laten we dat dus ook maar zo laten) pimpte het wasmachientje. Hij verfde het met oudroze verf van Levi's en gouden metallic verf van Avis. Twee authentieke Spaanse verfmerken dus.

Lucie was een tevreden kind. Ze riep "oepieeee!" en stak de koekjes in haar mond nog voor we er goed en wel foto's van konden maken. Veel tijd om te spelen was er echter niet, het kind moest een ganse dag wassen en strijken begot. En dat bovendien met een hongerige peuter in huis. Wedden dat Lucie volgend jaar dienstencheques in haar sinterklaasbrief zet?




Herfst



Ik zou hier graag poëtisch vertellen hoe schoon ik de herfst wel vind. Hoe ik elegant tussen de vallende blaadjes huppel, een eekhoorn zich lieflijk tegen mijn zachte wollen trui vlijt en ik in tussentijd kastanjes verzamel om later die dag gezellig aan de haard te poffen.

Maar ik moet daar niet flauw over doen: herfst en ik, dat werkt niet. De enige dieren die zich spontaan aan mij vertonen zijn er met acht poten, en synchroon met de eerste bladeren valt ook al het snot uit mijn neus. De schone wollen trui prikt dat het geen naam heeft en is na tien minuten ingewisseld voor een synthetisch exemplaar. Mijn haar kroezelt, ik struikel over takken, mijn paraplu waait kapot nog voor ik hem heb opengedaan. Ik háát herfst.

Desalniettemin doe ik er alles aan om mijn aversie voor dit seizoen niet door te geven aan Lucie. De eekhoornschaal wordt bovengehaald en gevuld met nootjes die we rapen in de tuin. We doen onze mutsen en vossenkousen aan en gaan wandelen in het bos. De eenden worden gevoederd, de regenlaarsjes vuilgemaakt. 

De herfstplaat van de kapitein wordt platgedraaid en Lucie zingt vrolijk mee. Kool kool kool, we eten rode kool, met worsten en puree, alle muizen eten mee! Dat ze bij het proeven met een pruillip "Lucie lust niet kool-kool-kool" verkondigt en alles uit haar mond laat vallen moet ik er misschien niet bijvertellen.

We doen van flanel en van pantoffels, van in de zetel zitten met een dekentje op onze schoot. We lezen in boekjes en kijken naar Kabouter Klop, we eten wafels en savooi. De soep pruttelt, de kersenpitjes knisperen.

En terwijl Lucie vol enthousiasme "Pompoen! Kijk, pompoehoeeen mama!" roept elke keer als ze er eentje gespot heeft, bedenk ik dat de herfst misschien toch zo erg nog niet is.


Felicitaties van de chef

Als er één ding is dat je over mij niet kan zeggen, dan is het dat ik geen inpakpapier heb. En dat is zacht uitgedrukt, het is werkelijk maar een kwestie van tijd vooraleer ze mij gaan komen interviewen over mijn uit de hand gelopen collectie.

Maar telkens als ik denk 'dit pakje ga ik eens origineel inpakken' zit ik even later met een rol kraftpapier aan tafel. Ook present: washitape, stempels of een dymomachientje. En als ik echt eens zot wil doen een combinatie van dat alles.

Ondertussen heeft ieder die mij kent reeds een kraftpapieren pakje gekregen en mocht het dus wel eens wat anders zijn. Ik stel bij deze voor: het beenhouwerspakske!




Eerst en vooral heb je vleespapier nodig. Kijk tijdens het bestellen van de saucissen eens lief in de ogen van de beenhouwer en wie weet krijg je er wel enkele gratis en voor niks. Mochten je charmes niet werken of mocht je vegetariër zijn dan kan je net als ik ook gewoon een pak kopen bij Ava.

Bind een vleeskoordje rond het pakje, hang er een plastieken varken aan en kleef er een etiket op met een passende spreuk, bij voorkeur iets met de termen 'feestvarken', 'van de chef', 'huisbereid' en 'het varken uithangen'. Hier vind je het letterype dat ik gebruikte.

Voila. Eat that, kraftpapierke!

een grote kamer voor ons kleine meisje

Nog voor Lucie geboren werd was haar kamertje zo goed als klaar. Dat het kind anderhalf jaar later nog steeds gezellig bij ons ging slapen wisten we toen nog niet. De kamer is alvast klaar voor haar komst. Nu wij nog!

Gelukkig speelt ze er graag en is onze noeste arbeid dus niet helemaal voor niets geweest. Haar kamertje is een samenraapsel van een schoon behang, enkele gepimpte kasten, cadeautjes die we kregen en heel veel rommelmarktvondsten.


Een kast die eerst een beetje een miskoop was, maar niks wat een laagje verf en enkele porseleinen knopjes niet konden fixen.


Een snoezig popje, een volkswagen busje en een speelgoedzak doen het altijd goed op een dressoir.


Huisjeskastjes, een pannenkoekenplant en een wiebelding waarvan ik niet weet hoe het noemt.
En het oh zo mooie behangpapier van Ferm Living.


Een bedje uit de jaren stillekes.


't Is niet omdat er hier niet geslapen wordt dat we niet kunnen pretenderen van wel hé.


Onder het laagje verf op deze ikeakast schuilt de ontdekking van mijn leven: gesso primer. Van zodra je dat in huis hebt moet je nooit meer schuren. Beloofd!


Voila. Ik had het zelf niet beter kunnen zeggen.
Zo gaat dat met quotes.


Konijn lichtje aan hé mama? Konijn lichtje uit hé mama?
Dat, maar dan maal honderd.


Een rommelmarktbankje met een vers stofje rond, kussentjes van Ferm Living en van Nobodinoz.
Zeg mij dat ik niet de enige ben die niet wist dat je eigenlijk Nobody Knows moet zeggen en zich dus altijd nogal belachelijk maakte met dat Spaans accent. 


Educatief zijn we hier ook.


Dit moeten toch de schattigste kapstokjes ooit zijn?


Een pieper.


Een bureautje – met dank aan de kleuters uit Zele die plots wilden moderniseren.


Een perenlampje en papieren ballen (maar dat zag je zelf ook wel).


Blikken dozen,  daar kun je er nooit genoeg van hebben, zei iemand mij ooit.
Ik doe mijn best.


Een verkleedkoffer en zitbankje in één, als dat niet praktisch is.


Een boekenrekje met boekjes die soms een beetje muf ruiken maar wel schattig zijn.


Vijf euro zeiden ze. Vier zei ik.
Verkocht!
Ge kunt maar proberen zeg ik altijd!